De Sionskerk, Mariënberg

Dit moet u allereerst weten, dat geen enkele profetie van de Schrift een eigenmachtige uitleg toelaat; want de profetie is destijds niet voortgebracht door de wil van een mens, maar heilige mensen van God, door de Heilige Geest gedreven, hebben gesproken.

(2 Petr. 1:20-21, HSV)

 

Actueel

Enige tijd geleden besloot de synode van de GKv alle ambten open te stellen voor vrouwen. Dat was niet zomaar een besluit alleen. Maar daarin werd juist een nieuwe visie op de Schrift en een nieuwe manier van Bijbeluitleg gelegaliseerd, die 25 jaar geleden nog nadrukkelijk werd afgewezen. Terecht werd door iemand gezegd dat Gods eigen Woord vogelvrij is verklaard, overgeleverd aan de mens van deze tijd. Overgeleverd aan een eigen uitleg die los komt te staan van het gezag van de Schrift en het geheel van de Schrift. 

Petrus spreekt hierover klare taal. Hij noemt dit eigenmachtige uitleg van de Schrift. Dat geldt echter niet alleen maar voor de GKv of anderen. Maar het is zeker ook goed om dit woord van Petrus onszelf voor te houden. Want ligt voor ons niet het gevaar op de loer dat we de Schrift aanpassen aan onze éigen uitleg en visie? Dat we er moeite mee hebben om ons te willen onderwerpen aan het gezag van heel Gods Woord over ons leven?

 

Betrouwbaarheid en gezag van de Bijbel

Juist de apostel Petrus heeft de kerk indringend gewezen op de betrouwbaarheid en het gezag van Gods Woord. Hij schrijft zijn brieven aan gemeenten die werden bedreigd door dwaalleer. Valse leraars probeerden de gemeenten af te voeren van het zuivere evangelie. De gemeenten werden hierdoor geconfronteerd met de betrouwbaarheid van het evangelie dat hen was verkondigd. Ze werden tot nadenken aangezet. Petrus ziet de vragen als het ware komen: is ons wel het echte woord van God gebracht?

En hoe weten we dat dan? Hebben wij het wel goed verstaan? Lezen we de Schriften wel goed? Te midden van deze vragen wil Petrus de gemeenten de vastheid en betrouwbaarheid van het evangelie op het hart binden. De gelovigen hebben geen kunstig bedachte verzinsels gehoord. Nee, ze hebben het zeer betrouwbare getuigenis van de apostelen gehoord. Apostelen die zelf oor- en ooggetuigen waren. Ze waren er zelf bij. Daarom kunnen de mensen gerust zijn. In de prediking van de apostelen ging het niet om hun eigen mening, speculaties of onzekerheden. Maar het ging om echte feiten. Betrouwbare feiten die door ooggetuigen zijn geconstateerd.

Die feiten hebben het profetische woord van het Oude Testament bevestigd. Wat geprofeteerd is in het Oude Testament, heeft echt vervulling gekregen in het leven en werk van Christus. De apostelen hebben dat zelf gezien en gehoord. Daaruit blijkt hoe betrouwbaar het profetische woord is. De Schrift is waar. En daarom hoeven de gemeenten zich te midden van opdringende dwaalleer en andere manier van Bijbeluitleg niet in de war te laten brengen.

 

Diepste reden betrouwbaarheid en gezag Bijbel

Petrus noemt dan in vers 21 de nadrukkelijke reden waarom dat niet hoeft. Waarom de profetie van heel de Schrift waar en betrouwbaar is. Omdat die ten diepste het eigen woord van God zelf is. Want profetie is niet voortgebracht door de wil van een mens. Mensen hebben niet zomaar uit eigen wil en uit eigen ‘duim’ gesproken en geschreven. Maar ze werden door de Heilige Geest gedreven! En omdat ze door Gods Geest gedreven werden, ja tóen hebben ze van Godswege gesproken. Achter heel de Schrift staat dus goddelijke autoriteit! Het is in het Oude- als in het Nieuwe Testament dezelfde Heilige Geest die in en door de menselijke schrijvers spreekt (Joh. 15:26, Hand. 1:8).

Onze tekstverzen vormen dan ook één van de bewijsplaatsen van de inspiratie van de Bijbel. De Bijbel is door God ingegeven. Paulus noemt dat in 2 Tim. 3:16 letterlijk: door God geademd. De Schrift is ‘theopneustos’. Het is een werking van God zelf door zijn Heilige Geest. Het ontstaan van de Schrift is aan de Heilige Geest toe te schrijven. Onder zijn inwerking spraken mensen Gods Woord, schreven ze het op. Daarom is de Bijbel het boek van God de heilige Geest. Hij is de eigenlijke Spreker en Schrijver.

 

Eenheid van de Bijbel

Dat betekent tegelijk dat in God zelf de eenheid van de Schrift vastligt. De Bijbel geeft zich als één boek van één goddelijke Auteur. En juist dat wordt vandaag de dag door velen ontkend. Ze zien de Bijbel als verzameling boeken. In de Bijbel zouden vele mensen, zoals Mozes en Paulus eigen gedachten en meningen hebben opgeschreven al of niet beïnvloed door hun tijd en cultuur, bijv. over de plaats en taak van de vrouw. De Bijbel is in hun ogen dan ook geen echte eenheid en bestaat uit mensenwoorden. Wat Mozes spreekt staat los van wat Paulus zegt. Dat kan ook niet anders, omdat ze verschillende personen waren die eeuwen na elkaar leefden in andere tijden.

Maar, in de Schrift zijn niet slechts verschillende mensen uit verschillende tijden aan het woord met eigen meningen. Petrus zegt nadrukkelijk: geen eigen uitleg. Er is in heel de Schrift één Spreker aan het Woord. God de Heilige Geest. Hij dreef mensen. En daarom hebben ze gesproken en geschreven van Godswege. Namens God, met zijn gezag en in zijn naam. En dat unieke karakter van de Schrift maakt de Schrift een eenheid, betrouwbaar en waar voor alle tijden. Omdat de eeuwige God daarin spreekt. En daarin zijn kerk van alle tijden en plaatsen op het oog heeft (Rom. 15:4)

 

Geen eigenmachtige uitleg

De Schrift heeft een goddelijke oorsprong. Daarom zegt Petrus dat de Schrift geen ‘eigenmachtige uitleg toelaat’. Dat is belangrijk om op te letten. Het woord ‘eigenmachtig’ kunnen we beter vertalen met: eigen, privé, geïsoleerd. Petrus waarschuwt ervoor dat we niet met een éigen, een privéuitleg mogen komen. Een uitleg die ons wel goed uitkomt, die past in onze (postmoderne) cultuur, in onze situatie en beleving.

Nee, willen we recht doen aan een bepaalde tekst, dan moet ons steeds het karakter van de hele Bijbel voor ogen staan. Dan laten we ons leiden door wat de Geest verder heeft gezegd in heel de Schrift. Dat betekent dat we Schrift met Schrift gaan vergelijken om tot een goede Bijbeluitleg te komen waarin we rekenen met Gods bedoeling.

Petrus wijst er zo op dat geen enkele profetie, geen enkele Bijbeltekst losgekoppeld kan en mag worden van het geheel van de Schrift. De eenheid van de Bijbel verhindert een geïsoleerde, uit de band springende uitleg van losse verzen of tekstgedeelten. En zo geeft Petrus – door de Geest gedreven – het belangrijkste uitgangspunt voor ons Bijbellezen en voor de Bijbeluitleg: lees heel de Bijbel en geen losse letters. Zoek de bedoeling van God en isoleer geen gedeelten van de werkelijke auteur.

 

De Bijbel: een lamp voor onze voet

De uitleg en de toepassing van de Schrift blijft zaak van de kerk, waarbij we ons moeten wachten voor het dodelijke gevaar van ‘eigen uitleg’, eigenwilligheid of isolationisme. De Schrift geeft zelf haar uitleg. Dat noemen we Schrift met Schrift uitleggen – zoals prof.dr. S. Greijdanus steeds benadrukte. En wij moeten onze uitleg, onze visie steeds toetsen en onderwerpen aan de Schrift. In plaats van omgekeerd, de Schriften te onderwerpen aan onze visie, voorkeur en cultuur. Alleen op die manier geldt wat Petrus zegt in vers 19:

wij hebben het profetische woord dat vast en zeker is, en u doet er goed aan daarop acht te slaan als op een lamp die schijnt in een duistere plaats.

Ja, Gods woord is echt een lamp voor onze voet en een licht op ons pad.

Ook voor de kerk anno 2018.